Wie?

Eric Bonnot

Vleesveehouder

Waar?

Paray le Monial, Frankrijk

Over de boerderij

  • Vleesvee in de Bourgogne
  • 85 koeien en 85 stuks jongvee
  • 65 hectare grasland voor weidegang
  • 60 hectare bouwland voor mais en graan

Nedap oplossingen

Nedap CowControl
Heat Detection
Health Monitoring

Resultaten

Verbeterde reproductie
Alle tochten gedetecteerd
Tijdsbesparing
Geen visuele tochtdetectie
Gezondere koeien
Tijdige signalering van gezondheidsproblemen
Minder vruchtbaarheidsproblemen
Tijdige signalering met de 70-dagen-grafiek

De Franse Charolaisfokker Eric Bonnot maakt sinds twee jaar gebruik van Nedap CowControl. De vleesveehouder is steeds meer gaan vertrouwen op het systeem. Inmiddels het een structureel en onmisbaar onderdeel van zijn bedrijfsmanagement. “Het bespaart me veel tijd en ik mis geen enkele tocht meer”, aldus Bonnot.

Meer over gezondheidsmonitoring ›

Nieuwsgierig kijken de witte vleesrunderen toe als Eric Bonnot de wei in komt lopen. Zijn dieren – 85 koeien, evenzoveel stuks jongvee – zijn in de winterperiode gedekt en lopen vanaf 15 april allemaal buiten. Straks, rond september, gaan ze tijdelijk naar binnen om af te kalven. Daarna gaan de koeien met hun kalveren nog een paar weken naar buiten, tot 20 november. Op die datum begint voor Bonnot het stal- en inseminatieseizoen.

In die periode bekijkt hij ook welke pinken geïnsemineerd moeten worden. In principe zijn dat de oudste en grootste dieren, vanaf zo’n 14 maanden. Kleinere en jongere dieren komen het jaar erop aan de beurt. Als pinken de eerste keer niet drachtig worden, krijgen ze van Bonnot in het jaar erop nog één kans.

In het verleden kwam dat nog regelmatig voor. Tot twee jaar geleden was Eric Bonnot namelijk niet echt tevreden over zijn reproductieresultaten. Zijn vertegenwoordiger van Elva Novia, de centraal-Franse veeverbeteringsorganisatie, stelde daarom voor om Nedap Tochtdetectie eens uit te proberen. Bonnot had daar wel oren naar: “Ik wilde wel testboer worden; ik was benieuwd of tochtdetectie ook bij vleesvee zou werken.”

Smarttag Hals

Bonnot besloot om met te beginnen bij de koeien. Die kregen de Smarttag Hals om de nek. Bij het jongvee bleef hij zelf kijken of hij ze tochtig zag. Bonnot heeft het systeem met outdoor antenne, zodat het ook in de weideperiode functioneert. Nu hij twee jaar ervaring heeft, zijn zijn vruchtbaarheidscijfers stukken beter geworden, vertelt hij.

“Het systeem werkt goed; het ziet veel meer tochten dan ik.” De vleesveehouder kijkt tegenwoordig elke ochtend eerst naar de zogenoemde V-box, het bijbehorende kastje dat buiten aan de stal hangt. “Als het rode lichtje knippert, dan weet ik dat er een koe is met een attentie. Dan kijk ik dat na in de computer en vervolgens ga ik de stal in om te kijken of het klopt. In vrijwel alle gevallen is de koe dan inderdaad tochtig en kan ik de inseminator bellen.”

Soms knippert het lampje ook vanwege een attentie vanuit Gezondheidsmonitoring. “Het eerste jaar had ik daar nog niet zo veel vertrouwen in”, bekent de vleesveehouder. Dat veranderde echter toen hij een keer een attentie negeerde. “Ik kreeg een melding van een koe die gestopt was met vreten, maar ik schonk er op dat moment geen aandacht aan. Achteraf bleek dat ze een beginnende luchtweginfectie moet hebben gehad. Daar kwam ik pas achter toen ik de koe moest laten afvoeren omdat de infectie te erg was geworden. Het systeem had dus tóch gelijk.”

“Als het rode lampje knippert en het is een vreetattentie, dan ga ik direct bij die koe kijken.”

Sindsdien neemt hij de attenties vanuit Vreetmonitoring wel degelijk serieus. “Als het rode lampje knippert en het is een vreetattentie, dan ga ik direct bij die koe kijken.” Ook ’s zomers, als alle dieren geïnsemineerd zijn, blijft hij de V-box controleren. “Het is een gewoonte geworden.”

Nedap Tochtdetectie is daarmee voor Bonnot uitgegroeid tot een zeer waardevol onderdeel van zijn bedrijfsmanagement. “Het grootste voordeel is voor mij toch wel de tijdsbesparing”, vindt de Fransman. “Ik hoef niet meer in de stal te gaan kijken of ik dieren tochtig zie, want ik mis geen enkele tocht meer.”

Een ander groot pluspunt is volgens Bonnot de 70-dagen-grafiek. Daarmee is in één oogopslag te zien of de betreffende koe cyclisch is of niet. “Als de koe geen cyclus toont, dan laat ik haar altijd even nakijken door de veearts, of ze geen cyste heeft of zo.” Koeien met eventuele vruchtbaarheidsproblemen kan hij zo mooi in een vroeg stadium opsporen. “Ik ben er eerder bij en dat scheelt flink in de kosten.”

Bonnot is helemaal in z’n sas met het systeem. Inmiddels heeft hij zijn dieren in aparte groepen in het systeem staan; dat geeft hem nog beter inzicht in de kudde. Nadelen van het systeem kan hij eigenlijk niet noemen. “Alleen het omdoen van de halsbanden is soms lastig, maar verder zou ik het niet weten.”

Hij vindt Nedap Tochtdetectie dan ook echt een aanwinst voor de vleesveehouderij. “Het systeem werkt super, het ziet veel meer tochten dan ik zelf.” Ook andere vleesveehouders zijn er in geïnteresseerd, weet hij. Bonnot heeft het systeem in gebruik als testboer voor Elva Novia, maar hij is nu vast van plan om het zelf aan te schaffen. “Dan koop ik meteen voor alle dieren halsbanden, ook voor het jongvee.”

Het vleesveebedrijf van Eric Bonnot (51) ligt in Paray le Monial in de regio Bourgogne. Voor de 85 koeien en 85 stuks jongvee heeft hij 65 hectare grasland beschikbaar voor weidegang. Daarnaast omvat het bedrijf 60 hectare bouwland. Bonnot teelt mais en graan; het grootste gedeelte wordt gebruikt voor de eigen koeien. In de stalperiode – van 20 november tot 15 april – voert hij kuilgras, maïs, hooi en graan.

Tot juni blijven alle kalveren bij hun moeders lopen; daarna worden ze gespeend. Bonnot houdt alle vaarskalfjes aan; die verkassen in juni naar hun eigen wei. Bij de stiertjes selecteert hij er een aantal uit die hij wil houden voor de fokkerij. De rest wordt binnen verder opgefokt. Deze broutards zijn dan op een leeftijd van 15 à 18 maanden slachtrijp.